1968 en volgende jaren… een fruitplukkerskamp in Engeland en avonturen met Ricky.

Naar Engeland….vakantie en fruit en groente plukken

1968…. Aan het eind van dat schooljaar deed ik examen voor de bibliotheekschool in Amsterdam, ik was assistentbibliothecarisgeworden  en besloot nog een jaar door te gaan om jeugdbibliothecaris te worden.  Mijn vriendin Fieke, die voor hetzelfde examen geslaagd was en ik besloten om het schooljaar af te sluiten met een vakantie annex werkkamp in Engeland.
De vakantie werd georganiseerd door de NBBS, een bekend studentenreisbureau uit de zestiger/zeventiger jaren. Bij dat reisbureau kon je kiezen uit allerlei soorten reizen. Veel van die reizen waren verpakt als een soort werkkamp en je kon daar geld verdienen om die vakantie een beetje te bekostigen.
Fieke en ik kozen voor een ‘fruitplukkerskamp’ in East-Anglia. Het plaatsje waar wij verbleven heette Westwick.

Als deelnemer moest je daar allerlei soorten fruit en groenten plukken en in de vrije tijd kon je op pad gaan om de omgeving te verkennen. Er waren vele soorten fruit en groenten die geplukt moesten worden. Om er een paar te noemen, aardbeien en verschillende soorten bonen. Hoe meer je plukte, hoe meer je verdiende.
Het gezelschap dat het fruitplukkerskamp bezocht was internationaal. Er waren studenten uit heel veel verschillende landen. Uit Engeland zelf natuurlijk, Frankrijk, Duitsland, Polen, Tsjechoslowakije en óók natuurlijk uit Nederland.

We sliepen in een soort barakken met stapelbedden en er was een kokkin die iedere dag de maaltijd voor ons bereidde. Ik denk wel dat we na het eten de afwas moesten doen, maar kan me dat niet zo precies herinneren.

Iedere ochtend werden wij per platte kar met een tractor ervoor naar het veld gereden waar de plukwerkzaamheden gedaan moesten worden.

op de platte kar

Daar kregen we een mand of een emmertje uitgereikt en iedere keer als dat vol was moest het geleegd worden in een grote bak. Die opbrengst werd opgeteld, er werd dus opgeschreven hoeveel iedereen geplukt had en naar aanleiding van die opbrengst werd je uitbetaald.
Er waren mensen die als een razende plukten, wel drie keer zoveel als ik en verdienden op die manier dus ook drie keer zoveel als ik. Persoonlijk had ik daar niet zo’n zin in. Voor mij stond eigenlijk als een paal boven water dat ik in de eerste plaats op vakantie was. Dat wat ik daar op dat veld verdiende zag ik meer als een zakcentje. Het zal wel een elitair standpunt geweest zijn, anderen zullen wel minder te besteden gehad hebben, maar ja….. zo ging dat.

 

in het veld
In het veld

Natuurlijk gingen we in de tijd dat we niet op de velden verbleven op stap.
Ik kan mij herinneren dat wij enige keren naar Great Yarmouth zijn geweest.

Great Yarmouth

Daar was toen al, het was dus 1968, een gokhal waar zo’n eenarmige bandiet stond waar je geld in kon doen. Dat was toen volkomen nieuw voor mij en heb er daar wel enige gokjes gewaagd.  Ook de plaats Cromer kan ik mij herinneren, ook die plaats hebben we bezocht.
Zoals gezegd… de deelnemers aan het fruitplukkerskamp kwamen uit allerlei landen. Ik kan me daar een paar mensen van herinneren. Bijvoorbeeld ene Saïd (althans, ik geloof dat hij zo heette), die volgens mij uit Egypte kwam. Hij heeft vele pogingen in het werk gesteld om met mij in contact te komen, maar heel veel belangstelling had ik daar niet voor. Dan was er nog een Jan Novotny, uit Praag. Dat was een erg aardige jongen waar ik die vakantie leuk contact mee had. En natuurlijk een paar meisjes, waar ik enige keren mee op stap ging. Uiteraard sliepen in die tijd meisjes en jongens in een aparte slaapzaal. Dus met de meisje had je sowieso meer contact dan met de jongens. Met een aantal meisjes zijn Fieke en ik wel naar het strand geweest.

Ik kon voor die tripjes een brommer lenen. Makkelijk…alleen moest er natuurlijk wel links gereden worden.

op de brommer

Aan het eind van de vakantie werden er adressen uitgewisseld met het vaste voornemen om daar leuke briefwisselingen aan over te houden. Dat kwam natuurlijk maar in een paar gevallen uit, want zulke voornemens verwateren nogal snel.
Toen het werkkamp was afgelopen hebben Fieke en ik nog een tripje gemaakt naar Cambridge, niet ver daar vandaan en ook aan Londen hebben we nog  een kort bezoek gebracht.

Daarna was de vakantie voorbij en zijn we met de veerboot weer naar Nederland teruggevaren.

16
op de veerboot

De avonturen met Ricky

En toen zijn er dus wat briefwisselingen op gang gekomen. Ik kan mij herinneren dat ik met Jan Novotny enige brieven heb gewisseld. Misschien ook nog wel met een paar meisjes die ik op het kamp had leren kennen, maar met al die penvrienden was het schrijven gauw gedaan.
En ook met ene Jan Nanko, die als roepnaam Ricky had, kwam een briefwisseling tot stand. Ook deze Ricky was deelnemer aan het fruitplukkerskamp. Daar hadden wij natuurlijk contact gehad met elkaar, maar niet heel uitgebreid en niet erg hevig. Op de foto’s die ik daar in het fruitplukkerskamp gemaakt heb komt Ricky geen een keer voor. Toch kwam er met hem dus een regelmatige briefwisseling op gang. De briefwisseling werd zo uitgebreid en vaak dat wij na verloop van tijd een soort van brievenrelatie hadden opgebouwd. Ik kreeg vele foto’s van hem toegestuurd.

Kennelijk raakten wij er van beide kanten van overtuigd dat wij niet alleen een brievenrelatie wilden hebben, nee, wij wilden elkaar in levende lijve ontmoeten. En zo geschiedde. Ricky woonde in Bratislava. In de winter van 1970 reisde ik af naar Bratislava. Een spannende reis. Ik ging voor het eerst alleen met het vliegtuig. Ricky haalde mij op van het vliegveld en wij gingen op bezoek bij zijn ouders, die in mij herinnering geen Engels spraken. In zijn ouderlijk huis was geen ruimte voor een logé, dus er was voor mij een hotel besproken. Ik denk dat ik daar een dag of twee heb gelogeerd want na het verblijf in Bratislava gingen Ricky en ik een paar dagen naar de wintersport in de Hoge Tatra. In die tijd had ik nog nooit een dag op ski’s gestaan, dus dat zou wat worden.

19
voor het eerst op de ski’s

Met enige vriendinnen van Jan, waarvan er volgens mij ook enkele bij het werkkamp aanwezig waren zaten wij in een soort chalet in de bergen. Naar de foto’s te oordelen hadden wij het best gezellig met elkaar.

Aan het skiën heb ik niet veel herinneringen. Leren skiën is toch een serieuze aangelegenheid en volgens mij is dat er daar niet echt van gekomen, want heel erg lang duurde die vakantie niet en skiles heb ik daar niet gehad. Ricky probeerde mij wat beginselen van het skiën bij te brengen, maar eigenlijk was daar de tijd te kort voor. Overigens heb ik dat later, tijdens andere skivakanties wel ingehaald.
Na deze ‘kennismakingsvakantie’, toen ik ondertussen weer thuis in Haarlem was, werd het briefverkeer weer opgepakt en… geïntensifieerd. Helaas… zoals je wel eens vaker in een opwelling iets weggooit waarvan je later toch eigenlijk wel veel spijt krijgt, zo is dat met de briefwisseling met Ricky óók gebeurt. Tijdens een van mijn verhuizingen heb ik kennelijk gedacht…. wat moet ik daarmee, weg ermee! En nu, nu ik verhalen schrijf over mijn leven had ik ze graag nog eens allemaal door willen lezen.
Na enige tijd kwam, als eerste bij Ricky de wens naar boven naar Nederland te komen, de wens om in Nederland te werken. Daar moest ik natuurlijk stevig met mijn ouders over van gedachten wisselen. Ik woonde nog thuis in Haarlem. Had daar de bovenverdieping met douche, toilet en eigen keuken. Wilde ik dat allemaal wel, waar zou hij moeten wonen, waar zou hij moeten werken. Ricky had in Bratislava gestudeerd en was ingenieur. Hij sprak de wens uit om bij de Nederlandse Kabelfabriek te werken. Die was in Delft en mijn vader, die als arts op het Westeinde ziekenhuis in Den Haag werkte zou hem mee kunnen nemen naar Den Haag, waarvandaan  hij dan zelf nog naar Delft zou moeten reizen.
Na veel gesprekken en twijfels en nog eens gesprekken en weer twijfels besloten we dat het zou kunnen. Dat hield in dat Ricky moest vluchten. In die tijd was er natuurlijk nog volop sprake van het IJzeren gordijn, dus Ricky zou niet zomaar op het vliegtuig kunnen stappen en op Schiphol opgehaald kunnen worden.
Het besluit viel dat mijn vader, mijn oudste broer en ikzelf hem in Zwitserland zouden ophalen.
22

Naar mijn herinnering ging hij vanuit Bratislava met een busreis mee ergens naar de grens van Oostenrijk en Zwitserland. De precies locatie kan ik mij helaas niet meer herinneren en ook de precieze tijd dat wij dit avontuur aangingen weet ik niet meer exact. Volgens mij was het wel zo dat Sams vrouw Marjon hoogzwanger was. En de zoon van Sam en Marjon, Martijn is op 13 mei 1970 geboren, dus het zal eind april, begin mei 1970 geweest zijn.
Ik had net mijn rijbewijs gehaald dus wij konden alle drie rijden. Gelukkig werd dat ook evenredig verdeeld. Ook ik mocht een deel van de autotocht naar Zwitserland achter het stuur. Ik ga er vanuit dat we met de auto van mijn vader gingen en die reed altijd in een Fiat, dus dat zal toen ook het geval geweest zijn.
Eenmaal aan de Zwitserse grens aangekomen was ook Ricky daar aangekomen, maar dan aan de andere kant van de Oostenrijks-Zwitserse grens. Natuurlijk was er toen van mobiele telefoons nog geen enkele sprake, maar de communicatie was kennelijk zodanig geweest, dat we op dezelfde plaats en tijd daar aangekomen waren. Mijn vader, mijn broer en ik stonden aan de ene kant van de grens te wachten en hij nam van de mensen van het reisgezelschap hartelijk afscheid en stapte de grens over.

vlnr: mijn oudste broer Sam, Ricky en mijn vader

Een beetje bizar was het wel en het zag er niet uit als een echte vluchtactiviteit met veel geheimzinnigheid en zo.
Na deze vlucht reden wij gevieren naar Nederland.

Naar Haarlem om precies te zijn en Ricky kreeg een kamer bij mij op de bovenverdieping.
Hij kreeg de baan in Delft bij de Nederlandse Kabel fabriek.
Dit alles vond plaats 50 jaar geleden. Natuurlijk zijn herinneringen toch wat vervaagd. Was ik hevig verliefd op Ricky… nee dat was ik niet. Ik vond het een ingewikkelde situatie. Mijn ouders hadden een tweede huis in Sint Maartensvlotbrug. Een kleine bungalow in een klein bungalowpark, de Ruighe Hoeck geheten. Zij gingen daar ieder weekend naartoe en Ricky en ik gingen regelmatig mee.
Met mijn vriendin Fieke, die in Warmond woon de aan de Kagerplassen zijn we een keer uit zeilen geweest.

Ricky reed, zoals gepland iedere werkdag mee met mijn vader naar Den Haag en in Delft werkte Ricky daar op die Kabelfabriek. Wat hij daar precies deed, ik zou het niet weten. Zelf werkte ik in Haarlem op de R.K.bibliotheek aldaar. Na enige maanden wilde Ricky op een andere afdeling van de fabriek werken. Voor zover ik het begrepen heb was dat een innovatieve afdeling waar buitenlanders niet welkom waren. Niet heel lang na dat verzoek kregen wij de Binnenlandse veiligheidsdienst op bezoek. Ricky werd ondervraagd, mijn vader werd ondervraagd en Ricky werd ontslagen en moest het land verlaten. Naar ik begrepen heb wilde hij op die afdeling een soort van spionage verrichten en….daar was men niet van gediend. Ricky verdween plotseling en nooit heb ik nog iets van hem vernomen.
Toch wel een beetje een beangstigende ervaring. Aan de andere kant was ik opgelucht dat hij weg was. Eigenlijk hadden we niks met elkaar en enigszins gebruikt voelde ik me wel.
Wat daar op die fabriek te bespioneren viel…vraag het me niet. Precies uitgezocht heb ik dat allemaal niet. Zeker in de begindagen niet en nu zou ik het nog eens kunnen overwegen, maar het is er tot nog toe niet van gekomen.
Het leven ging door.

2 Comments

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s